8-6-2010 - Atte Jongstra
Over de dame die Engeland opschrikte door konijnen te baren
In 1723 werd de arts Herman Boerhaave bij een patiënt geroepen die hij eerder voor jicht had behandeld. Niet zomaar een lijder. Het betrof Jan Gerrit baron van Wassenaar, luitenant-admiraal van de Nederlandse vloot, die zijn kwaal destijds zelf in verband had gebracht met zijn enorme eetlust. Met het oog daarop had de admiraal de kunst van het braken tot een overlevingsstrategie ontwikkeld, maar het braken wilde ditmaal niet slagen.
Wat hij had gegeten? Aromatisch gekruide kalfssoep, witte kool, spinazie, kalfszwezerik, gebraden dij en borst van een eend, twee leeuweriken, appelcompote met brood, peren, druiven, bonbons, alles besproeid met moezelwijn en bier. Toen de problemen begonnen, goot hij daar vier glazen distelthee overheen, een beproefd braakmiddel. Er kwam niets. Honderd milliliter olijfolie, Joopenbier van sparrennaalden en -takjes, gerstewater, geen spoor van antiperistaltiek.
Intussen was er koud zweet uitgebroken - trillingen, schreeuwende pijn. Boerhaave schreef onmiddellijk een drank voor van wilde papaver, schorseneer alsmede Fernel-siroop (getrokken van de stokroos) en zette een klysma. Niets kwam op, neerwaarts verscheen slechts gezonde ontlasting. Urineerpogingen leverden slechts enkele bruine druppels op. Waar was alle inname gebleven?
Boerhaave vermoedde een logistiek probleem. Toen de zeeheld aan helse pijnen bezweken was, bleek bij sectie dat zijn slokdarm een scheur van acht centimeter vertoonde. Toen de borst geopend werd, verspreidde zich de geur van gebraden eend, de borstholte dreef van Joopenbier, distelthee en olie.
Deze prachtige ziektegeschiedenis noteerde de beroemde Leidse arts in zijn Atrocis, nec descriptibus, Morbia historia (1724); Erwin J.O. Kompanje vatte hem samen in zijn verbijsterende boek De penisverkorter en andere opmerkelijke verhalen uit de geschiedenis van de geneeskunde. Kompanje is verzamelaar van historische boeken op het terrein der geneeskunde en zelf medicus. Hij weet waar hij over spreekt bij zijn beschrijving van beschrijvingen van zeldzame aandoeningen van de mens.
De penisverkorter bevat 21 medisch- historische uitzonderlijkheden. Over messen- en speldeneters, dubbel penis- en vaginabezit, eigenhandige keisnijderij, eenzijdige borstuitwas bij de vrouw, paddengifdood, een kunstmatig waterhoofd, opwekking der levensgeesten door oplegging van een naakte dochter, roof van vrouwenlijken, et cetera.
Fascinerend is al meteen de eerste bijdrage, waarin het groei- en krimpavontuur uit Alice in Wonderland (1866) in verband wordt gebracht met migraineklachten uit de medische literatuur. En wat blijkt? De auteur Lewis Carroll (pseudoniem van Charles Dodgson) leed zelf aan migraine. Zo de literatuur thuisbrengen – spannend!
Op een andere manier gebeurt hetzelfde in Kompanjes hoofdstuk over de vrouw die de medische (en intellectuele) wereld in het Engeland van 1726 in rep en roer bracht. Mary Toft baarde tien konijnen en het duurde nogal lang voor de doktoren in de gaten hadden dat ze gefopt waren. Koren op de molen van schrijvers en dichters als Jonathan Swift en Alexander Pope, altijd in de weer om malle theorieën belachelijk te maken.
Eerstgenoemde publiceerde in 1727 The Anatomist Dissected or the Man-Midwife finely brought to Bed, Being an Examination of the Conduct of Mr. St. Andre, Touching the late pretended Rabbit-bearer; as it appears from his own Narrative, leuk genoeg onder het pseudoniem Lemuel Gulliver, ‘chirurg en anatomist van de koningen van Lilliput and Blefescu, tevens Lid van de Academie van Wetenschappen in Balnibarbi’.
Ook de satirische kunstenaar William Hogarth wijdde een prent aan de konijnenhype. Kompanje op zijn beurt brengt de aandriften van de fraudeuse Mary Toft in verband met een vorm van het Münchhausen- syndroom.
Wie fictie leest, struikelt soms over passages die te onwaarschijnlijk lijken om in werkelijkheid te kunnen gebeuren. Erwin Kompanjes De penisverkorter levert vele bewijzen dat de werkelijkheid het in onwaarschijnlijkheid vaak van de literatuur wint. Een heerlijk boek.
Copyright NRC Handelsblad BV