Volg ons op

Winkelwagen

Uw winkelwagen is nog leeg
E-mail dit artikel

Schrijf uw recensie

Uw waardering:


 
Max en de Maximonsters
 

Max en de Maximonsters

M. Sendak
Levertijd:
Direct leverbaar, 1-3 werkdagen
Prijs:
€ 12,95
 
Verzendkosten slechts € 1,95 per bestelling
ISBN/EAN 9789060690697
Dikte (in mm): 12
Gewicht in (in gram): 401
Breedte (in mm): 236
Hoogte (in mm): 259
Taal: Nederlands
Bindwijze: Hardback
Genre: Prentenboeken (< 6 jaar)
Publicatiedatum (jjjjmmdd): 19950331
Auteur: M. Sendak
Print dit artikel
2-12-2011 - Nieuwenhuis, Roderick
‘Toen ik negentien jaar was, zat ik op de kunstacademie in Den Bosch. Op de afdeling illustratie. Aan kinderboeken als Dolfje Weerwolfje was ik nog lang niet begonnen. Mijn lerares Margriet Heymans, tot op de huidige dag kinderboekenschrijfster, kwam op een dag aanzetten met Max en de Maximonsters, een kinderboek uit 1963 van de Amerikaanse schrijver en illustrator Maurice Sendak,

„Alleen al de beginzin van het prentenboek sprak me aan: ‘Toen Max zijn wolfspakje aan had, en kattekwaad uithaalde.’ Op een prent gaat Max in een grijzig wolfspakje de hond met een vork te lijf. Dan zie je de bui al hangen. Hij gaat te ver en wordt door zijn moeder naar zijn kamer gestuurd. Daar, op zijn kamer, gebeurt iets wonderlijks. Zijn muren en bed veranderen in een bos. Max wandelt door dat bos tot aan een zee, waar een rood bootje op hem wacht. Met dat bootje vaart Max naar het land van de Maximonsters. Dat zijn grote harige griezelbeesten, met scherpe tanden. In feite monsters uit Max’ ergste nachtmerrie. Maar hij overwint zijn angsten, roept heel hard ‘koppen dicht’ tegen ze, en wordt hun koning.

„Het feit dat Max zijn angsten overwint, is een belangrijk thema van het boek. Ik ontving een keer een brief van een meisje dat zei dat ze dankzij mijn kinderboek De Griezelbus haar angsten heeft overwonnen. Sendak was met dit boek een van de eerste kinderboekenschrijvers die schreef vanuit de belevingswereld van het kind. Vanuit dat perspectief kan de boodschap ‘overwin je angsten’ door middel van de tekst en de prenten heel goed bij een kind overkomen.

„Met zijn prenten haalt Sendak een geweldige truc uit. De eerste prent is de kleinste van het boek. Als je doorbladert merk je dat de prenten steeds groter worden totdat ze, in het midden van het boek, bladvullend zijn geworden. Dan is Max inmiddels verzeild geraakt in zijn droomwereld. Als Max het land verlaat, worden de prenten weer kleiner. Ook als lezer kom je , net als Max, langzamerhand in een droomwereld terecht waar je bij zijn vertrek weer uitkomt.

„Max zie ik als de eerste kleuterweerwolf in de kinderliteratuur. Dat is ook een reden waarom Max en de Maximonsters mij zo aantrok. Als kind las ik al gefascineerd over weerwolven in het Limburgs sagenboek, een verzameling moralistische Limburgse volksverhalen uit 1925 van de Nederlandse dichter Pierre Kemp. Het boek stond bij mijn vader in de boekenkast. Mijn fascinatie voor weerwolven beklijfde, want later is met Dolfje Weerwolfje, een weerwolf de hoofdpersoon geworden van een van mijn kinderboekenreeksen.

„Grappig genoeg vertonen de weerwolfverhalen uit het Limburg sagenboek overeenkomsten met Max en de Maximonster. In dìe weerwolfverhalen lagen de wolvenvellen verstopt, bijvoorbeeld in een holle boom. Ze werden uit de boom gehaald en aangetrokken door mensen die vervloekt en gedoemd waren om weerwolf te zijn. Als ze eenmaal het vel om zich heen droegen, veranderden die personen in een echte weerwolf. Dus eigenlijk trokken ze, net als Max, een wolvenpak aan.

„Voor mij is Max en de Maximonsters een van de belangrijkste boeken uit de kinderliteratuur. Door dit prentenboek ben ik in de kinderboekenwereld terecht gekomen.”

Maurice Sendak: Max en de Maximonsters. Lemniscaat, 32 blz. € 12,95



Copyright NRC Handelsblad BV

15-1-2010 - Karel Berkhout
Eggers geeft de Maximonsters een derde leven
jeugdboek

Het prentenboek Where the Wild Things Are (1963) van Maurice Sendak is de gang gegaan van vele klassiekers. Kort na verschijning was Max en de Maximonsters – zoals de Nederlandse titel luidt – enigszins omstreden door de onbekommerde omgang met kattekwaad. Tegenwoordig wordt het boek zelfs gebruikt in onderwijsmethoden om kinderen uit te leggen wat fantasie is.
Voor de verfilming van Where the Wild Things Are, die deze week in roulatie is gegaan, vroeg de regisseur aan de Amerikaanse schrijver Dave Eggers om mee te schrijven aan het scenario. Sendak vroeg Eggers vervolgens van zijn prentenboek een roman voor alle leeftijden te maken. Dat boek is net verschenen onder de titel Max (en de Wild Things), zodat de Maximonsters nu dus drie levens hebben.
In de oerversie, die Eggers nauwgezet volgt, haalt Max allerlei streken uit. Als zijn moeder hem uitmaakt voor ‘monster’ vaart hij in zijn wolvenpak naar een eiland, waar hij door de Maximonsters tot koning wordt uitroepen. Heimwee drijft hem weer naar huis, weg van de monsters die zoveel van hem houden dat ze hem – letterlijk – wel kunnen opeten.
Bij de bewerking is Eggers uitgegaan van de ‘vraag wie de Wild Things zijn in plaats van wáár ze zijn’, schrijft hij in het nawoord. Dat moest ook wel. De monsters hebben aan één eigenschap genoeg in de paar honderd woorden van Sendak. Voor de paar honderd pagina’s van Eggers zijn volwaardige personages noodzakelijk. Is het Eggers gelukt die te scheppen? Wel en niet.
In de ijzersterke openingshoofdstukken figureren prachtige personages, waar Max op een of andere manier mee tobt. Vader is afwezig, zus heeft geen tijd meer voor hem, moeder is overbelast en haar vriend is een dweil. Zelfs personages die maar even langskomen, maken diepe indruk. De moeder van een vriendje staakt haar workouts om Max tegen diens zin te begeleiden op zijn ‘gevaarlijke’ tocht naar huis. Prachtige satire in een korte absurdistische scène.
Eggers heeft de Maximonsters niet alleen namen, maar ook allerlei eigenschappen gegeven, van de mopperige en slimme Judith tot de gewelddadige en loyale Carol. Hun onderlinge verhoudingen komen echter niet tot leven, doordat Eggers hun onderlinge omgang schildert met absurde dialogen en veel gooi-en-smijtwerk.
Die dialogen zijn heel vermakelijk zoals wanneer een monster uitroept: ‘Stenen, zeg het me als jullie je onbegrepen voelen.’ En de vernielingen zijn een aangename uitbarsting van jongensenergie. Maar het heen-en- weer praten en smijten met dingen en dieren wordt snel oeverloos.
De scherpte zit er sporadisch wel in, namelijk in de parallellen die Eggers slim weeft tussen de wereld van thuis en die van de monsters. Thuis houdt Max een sneeuwballengevecht met de vrienden van zijn zus en vernielt hij haar kamer. Bij de monsters organiseert hij een oorlog en steekt hij de huizen in de fik.
Het verschil is dat Max bij de monsters vecht voor zijn koningschap en thuis voor de liefde van dierbaren als zijn zus. Precies dát verschil maakt dat het middendeel vermakelijk maar wezenloos is, terwijl het begin en einde vermakelijk en aangrijpend zijn.

Copyright NRC Handelsblad BV