Winkelwagen

Uw winkelwagen is nog leeg
E-mail dit artikel

Schrijf uw recensie

Uw waardering:


 
Verzameld werk 4
 

Verzameld werk 4

Karel van het Reve
Levertijd:
Direct leverbaar, 1-3 werkdagen
Prijs:
€ 45,00
 
Verzendkosten slechts € 1,95 per bestelling
Na de vorig jaar enthousiast ontvangen delen 1 en 2 van het Verzameld werk van Karel van het Reve verschijnen thans de delen 3 en 4. Zij zullen opnieuw onweerstaanbaar zijn voor alle oude én nieuwe liefhebbers van deze grote essayist.

Deel 4 bestrijkt de periode 1973-1980 en bevat de bundels Uren met Henk Broekhuis en Een dag uit het leven van de reuzenkoeskoes.

Beide delen sluiten af met een rijke selectie uit de ongebundelde artikelen die Van het Reve in deze productieve periode schreef: 350 bladzijden in deel 3, en maar liefst 620 bladzijden in deel 4. Deze stukken zullen voor veel lezers onbekend zijn. Een grote verrassing zijn de tv-recensies, die hij tussen 1971 en 1976 wekelijks in nrc Handelsblad publiceerde onder het pseudoniem Henk Broekhuis. Lang is onduidelijk gebleven wie achter deze naam schuilging, mede dankzij de mystificerende activiteiten van Van het Reve zelf.

In zeer levendig geschreven ‘columns' figureren uiteenlopende figuren als Joop den Uyl, Pippi Langkous, Wim Kan, bisschop Gijsen en ‘de kritische leraar'. De twee stukjes over het bezoek van Henk Broekhuis en zijn vrouw aan de grote volksschrijver Gerard Reve in Frankrijk veroorzaakten een brouille tussen de beide broers. Boeiend zijn ook de nooit gebundelde boekrecensies uit deze jaren. Aangrijpend is de inleiding bij het Dagboek van zijn in de oorlog omgekomen vriend David Koker. En dat Karel van het Reve een meester was in het genre van de necrologie blijkt uit zijn stukken over Jacques Presser en over Andrej Amalrik(‘De onhandelbaarste man die ik ooit heb ontmoet').
ISBN/EAN 9789028242623
Breedte (in mm): 128
Hoogte (in mm): 202
Dikte (in mm): 45
Gewicht in (in gram): 816
Taal: Nederlands
Bindwijze: Hardback
Genre: Literaire fictie algemeen
Publicatiedatum (jjjjmmdd): 20100301
Aantal pagina's: 1014
Auteur: Karel van het Reve
Print dit artikel
2-4-2010 - Wilfred Takken
Karel IV, koning van de controverse
Van het Reves ‘Verzameld werk 4’ is nog steeds relevant dankzij zijn sceptische geest

Onder zijn pseudoniem Henk Broekhuis kon Karel van het Reve beter poseren als de zelfgeschoolde arbeider die quasi-naïef en ongenuanceerd op ieders tenen gaat staan. Lees deel 4 van zijn verzameld werk.

In het doodsbericht van Hans van Mierlo dook ineens het begrip weer op: repressieve tolerantie. Zonder aanhalingstekens, niet gecursiveerd, alsof het werkelijk wat betekende. Van Mierlo had in 1966 een politieke partij opgericht die zes jaar later reeds in de regering zat. Een treffend staaltje repressieve tolerantie, zo meldde deze krant
Leefde Karel van het Reve nog maar. Die had ons erop kunnen wijzen dat ‘repressieve tolerantie’ communistische dieventaal uit 1965 is voor: de schijnvrijheid en schijnmacht die de bourgeoisie schenkt aan opstandelingen om ze koest te houden. Marxistische dubbeldunk, bedoeld om de parlementaire democratie onderuit te halen. En dat terwijl Van Mierlo’s partij werkelijke vrijheid en macht kreeg juist een mooi voorbeeld van de spankracht der democratie is, en het gemak waarmee de oude heersers bij het minste zuchtje revolutie de macht weggeven. Ook een stokpaardje van Van het Reve. Evenals het idee dat er in revoluties vooral gepraat wordt, in plaats van gehandeld.
Met deel 4 van het Verzameld werk van essayist Karel van het Reve (1921-1999) zijn we aanbeland in de jaren 1973-1980. Dit deel bevat de bundels Uren met Henk Broekhuis en Een dag uit het leven van de reuzenkoeskoes. Tweederde van de negenhonderd pagina’s is echter gevuld met werk dat niet eerder werd gebundeld.
Uren met Henk Broekhuis is misschien wel zijn beste bundel. Hierin pakt hij 39 pasklare ideeën aan die vrijwel iedereen klakkeloos overneemt, zonder erbij stil te staan dat ze onzin zijn. Dat we leren uit ervaring, dat slechte kunst geen kunst is, dat vergelijkingen dienen ter verduidelijking, dat seks en geweld in boeken en op tv functioneel moeten zijn, dat de armen steeds armer worden, dat schrijvers de taal verrijken, en dat we in een haastige tijd leven.
Bij de meeste van die ideeën liet ik me door hem overtuigen, sommige geloofde ik al niet, en bij een paar hou ik stug vol. Soms wil Van het Reve namelijk wel erg veel weggooien. Als Homerus bijvoorbeeld Achilles die de wapens opneemt vergelijkt met een leeuw die door een bos loopt op zoek naar een prooi, dan vind ik dat wel degelijk een verduidelijking. Niet op de versimpelde manier zoals Van het Reve het voorstelt – dat ik wel zou weten hoe die leeuw sluipt, en niet hoe een soldaat ten strijde trekt – maar de beelden versterken elkaar.
Verder staan in deel 4 twee van zijn beroemde essays: ‘Een dag uit het leven van de reuzenkoeskoes’, waarin hij het opneemt tegen het darwinisme, en ‘Het raadsel der onleesbaarheid’, waarin hij het opneemt tegen de literatuurwetenschap. Met dat darwinisme zat hij er naast, maar dat stuk over de literatuurwetenschap is nog altijd dodelijk, hoewel Van het Reve ook hier teveel wil weggooien.
Was Van het Reve in de eerste twee delen nog een serieuze jongen die nog vlak en academisch formuleerde, in deel 3 is zijn schrijftalent tot volle wasdom gekomen. In deel 4 is hij meer ontspannen en breidt hij zijn aandachtsgebieden enorm uit. Dat heeft te maken met de geboorte van Henk Broekhuis. In deel 3 duikt hij al op, en deel 4 wordt door hem gedomineerd. Schrijven onder dat pseudoniem lijkt bevrijdend te werken voor Van het Reve. Hij schrijft losser, baldadiger, geestiger. Als Broekhuis kan hij beter poseren als de zelfgeschoolde arbeider die naïef en ongenuanceerd op ieders tenen gaat staan. Overigens heeft Henk Broekhuis echt bestaan: Van het Reve leende de naam van de man van wie hij zijn zeilboot kocht.
Voordien gingen zijn essays vooral over het communisme en de Russische literatuur, nu kan het ook lichtere kost zijn: het kinderprogramma De Stratemakeropzeeshow, de Stripquiz, de laatste keer dat hij „in zijn broek had gescheten’’. Opvallend is zijn tekening van een tuinhekje voor het Maandblad voor de buitenmens en zijn vrienden in de stad. Vooral luchtig zijn de televisiecolumns van Broekhuis. Hij voelt zich nergens te goed voor, en belijdt zijn liefde voor detectives, reclames, sport, en soaps – als het maar beweegt. Ook daarmee neemt hij quasi-argeloos een controversieel standpunt in, want in de jaren zeventig moest je neerkijken op televisie. Een tv-recensent behoorde alles neer sabelen. Van het Reve doet daar niet aan mee.
De goedgeluimde polemist was in een grimmige tijd beland, waarin de KRO besloot om Amerikaanse series te schrappen, omdat daarin „maatschappijopvattingen zijn verborgen, die niet altijd de onze zijn.” Een tijd waarin van een hoogleraar werd verlangd dat hij een marxist was; waarin politici als Hans Wiegel (VVD), Hans van Mierlo (D66) en Ed van Thijn (PvdA) geestdriftig terugkwamen uit het China van Mao Zedong. Een tijd waarin marxisten, freudianen en sociologen de smaak dicteerden en onverdraagzaam optraden tegen andersdenkenden, die zich liever koest hielden tot de jaren zeventig weer waren overgewaaid.
Zo niet Van het Reve. Een van zijn essays heet ‘Wat waren ze kwaad’; een exemplarische titel voor de hele bundel. Hij moet een groot genoegen hebben beleefd aan het sarren van de linkse meelopers, tot het marxisme bekeerde katholieken, hervormers van de universiteiten, en de maoïstische hoogleraar W.F. Wertheim, die hier de rol van kop van Jut heeft overgenomen van stalinistische schrijver Theun de Vries. Hij haalt hun modieuze waandenkbeelden zo hardhandig onderuit, dat er iets meer van overblijft.
Veel aangesneden kwesties en aangevallen kopstukken zijn in de vergetelheid geraakt. Toch blijven deze artikelen relevant, omdat Van het Reve zo helder, geestig en overtuigend schrijft; omdat voor ieder waandenkbeeld dat hij fileert moeiteloos een equivalent in deze tijd is aan te wijzen; omdat hij een voorbeeld stelt van een onverzettelijk fatsoenlijke en kritische geesteshouding.
Van het Reve kon iets wat normaal lijkt, maar wat zo moeilijk is: niet gemakzuchtig geloven, maar zelf nadenken. Zijn sceptische houding is zeldzaam en essentieel. Bij alles wat ik lees en schrijf zou er een Reve-duiveltje op mijn schouder moeten meekijken, om bij alles wat vanzelfsprekend lijkt te brommen: zou dat nou?

Copyright NRC Handelsblad BV