Geen opera met een flitsender begin dan Mozarts ‘Don Giovanni’. Leporello staat buiten in Sevilla in het donker te mopperen op zijn baas Don Giovanni, die binnen de liefde wil bedrijven met Donna Anna. Dan klinkt gekrijs: Donna Anna schreeuwt dat ze haar belager niet laat ontsnappen. Haar vader komt te hulp. Hij wordt door Don Giovanni neergesabeld en sterft. Nog geen vijf minuten na de ouverture ligt daar al een lijk. En dat terwijl in Mozarts tijd in opera’s nooit een dode viel.
Print dit artikel